Gerelateerde publicaties
Kansenkaarten voor diensten op glasvezelinfrastructuur in Noord-Brabant
| Datum | 2005-09-07 |
| Publicatienummer | 2004.080 |
| Opdrachtgever | Provincie Noord-Brabant |
| Expertise | breedband, telecom & media |
Samenvatting
Wat kunnen we leren van de drie bijeenkomsten over glasvezel en zorg, onderwijs en openbaar bestuur? In vrijwel alle sectoren wordt het belang van glasvezel ingezien. Enerzijds ziet men technische voordelen (meer snelheid, capaciteit) en anderzijds onderkent men organisatorische voordelen (meer samenwerking, nieuwe diensten). Beide type voordelen kunnen leiden tot (aanzienlijke) kostenbesparingen.
Ondanks de onderkenning van de voordelen van glasvezel betekent dat niet dat instellingen in de verschillende sectoren allemaal participeren in glasvezelprojecten. Dat verschilt per regio en per type instelling. Ook de ervaring die men heeft opgedaan met glasvezel (en diensten daarop) verschillen aanzienlijk tussen regio´s en sectoren. Het onderwijs en het openbaar bestuur hebben bijvoorbeeld meer ervaring met (breedband) internet dan de zorgsector. Instellingen met ervaring zijn over het algemeen positief. Technisch zijn koppelingen goed mogelijk, maar bij de uitwerking van concrete diensten en producten komen wel eens moeilijkheden om de hoek kijken. Instellingen moeten taken en verantwoordelijkheden opnieuw afstemmen. Werkprocessen en informatiestromen moeten op elkaar afgestemd worden. Toch wordt het gevoel gedeeld dat de glasvezelinitiatieven samenwerking en innovatie stimuleren.
De opschaling binnen en tussen sectoren en regio´s is echter niet altijd eenvoudig te realiseren. Ten eerste is het technisch soms lastig. Instellingen - zelfs binnen een sector, bijvoorbeeld zorg - hanteren verschillende technische standaarden. Ten tweede bestaan er grote verschillen tussen instellingen, bijvoorbeeld in schaal. In de zorg werken grote ziekenhuizen samen met kleine huisarts(posten). ICT kennis en budgetten verschillen aanzienlijk.
De meeste partijen zien een (beperkte) rol voor de provincie weggelegd bij de ontwikkeling van concrete diensten. De provincie moet dit vooral aanjagen (bijvoorbeeld door zelf het goede voorbeeld te geven) en ondersteunen (bijvoorbeeld met startsubsidies voor kansrijke projecten). Ook wordt een taak voor de provincie bij opschaling gezien, zowel binnen als tussen regio´s en sectoren.
Download document
Bijbehorend project
> Meer informatie over dit projectHet Projectteam
-
Frank Bongers
Frank is als senior onderzoeker verbonden aan Dialogic. -
Christiaan Holland
Christiaan is als associate partner verbonden aan Dialogic. -
Sven Maltha
Sven is als partner verbonden aan Dialogic. -
Menno Smidts
Deze persoon is niet werkzaam voor Dialogic.




