Breedband en de gebruiker II

De doelstelling en onderzoeksvragen sluiten direct aan bij het eerste onderzoek Breedband en de Gebruiker uit 2001. Het is bekend dat de verspreiding van een (nieuwe) technologie niet alleen samenhangt met het aanbod van een technologie, maar evenzeer met de acceptatie en gebruik van de technologie door (potentiële) gebruikers. Nu de breedbandtechnologie zich in grote lijnen heeft afgetekend is het zaak om de gebruiker onder de loep te nemen. Dit onderzoek - waarin gebruikers van internet centraal staan - heeft drie doeleinden. Ten eerste willen wij inzicht krijgen in de verschillen in internetgebruik tussen gebruikers met een breedband- en een smalbandaansluiting. Ten tweede willen we ontwikkelingen in de tijd in internetgebruik voor verschillende doelgroepen in kaart te brengen. Dat gebeurt door resultaten uit dit onderzoek te vergelijken met resultaten uit het vorige breedbandonderzoek. Tot slot willen we de motivaties van verschillende doelgroepen om internet te gebruiken achterhalen. Bij deze doelstellingen passen de volgende onderzoeksvragen:
1. Welke verschillen bestaan er in het gebruik van specifieke informatie-, communicatie-, entertainment- en transactietoepassingen (ICET) op internet tussen breedband- en smalbandgebruikers (en eventuele andere groepen, zoals bijvoorbeeld vrouwen, jongeren en gezinnen)?
2. Welke veranderingen hebben zich voorgedaan in internettoegang en -gebruik tussen breedband- en smalbandgebruikers sinds de vorige meting?
3. Wat is de motivatie van gebruikers om (breedband)internet te gebruiken, in het bijzonder ten aanzien van behoeften zoals zorg, veiligheid, contact, persoonlijke ontplooiing, onderwijs, vermaak en zingeving?

Doordat in dit vervolgonderzoek vergelijkingen in de tijd mogelijk worden, gaat de analyse verder dan bij de nulmeting (in 2001) mogelijk was. Een belangrijke afgeleide vraag is in hoeverre het gedrag van de innovators daadwerkelijk wordt gevolgd door de early adopters en de (early) majority. Met andere woorden in hoeverre heeft het gebruik van de voorlopers een voorspellende waarde voor het gebruik door de meerderheid van de gebruikers. Om deze laatste vraag te kunnen beantwoorden moet het onderzoek de komende jaren herhaald worden.

Het onderzoek toont aan dat breedbandgebruikers beduidend vaker en langer online zijn dan smalbandgebruikers. Dat wil zeggen dat zij vooral vaker en/of langer mailen, chatten, surfen en downloaden. Dit bevestigt het beeld uit het vorige onderzoek, namelijk dat de breedbandgebruiker een meer actieve internetter is dan de smalbandgebruiker.
Een vergelijking van gebruik van ICET-toepassingen tussen gebruikers van smalband en breedband laat geen grote verschillen zien. Een uitzondering vormen het intensieveregebruik van diverse entertainmenttoepassingen door breedbandgebruikers zoals het downloaden van muziek en films en het spelen multi-player games. Daar biedt een hogere bandbreedte een duidelijke meerwaarde. Het onderzoek heeft niet kunnen bevestigen dat breedbandgebruikers actiever zijn met het verspreiden van (grote) bestanden dan smalbandgebruikers.

Het gebruik van ICET-toepassingen vertoont grote overeenkomsten met het vorige onderzoek. In vergelijking met het vorig onderzoek lijkt de groeiende groep breedbandgebruikers het gedrag van de early adopters van anderhalf jaar geleden in grote lijnen te volgen. Daarbij stellen we vast dat de overgang van smalband naar breedband een grotere impact heeft op het internetgedrag (het always on-effect), dan de overstap van een kabel- of ADSL-verbinding naar een snellere (glasvezel-)verbinding.

De betalingsbereidheid voor een nieuwe stap in de breedbandproducten lijkt op beperkte schaal aanwezig. Interessant is dat bijna eenderde van de respondenten bereid is om meer dan €50 te betalen voor een 10 Mbps-verbinding. Vermaak, sociaal contacten en gemak zijn op dit moment de belangrijkste motivaties voor internetgebruik. Dit herkennen we eveneens uit het vorig onderzoek, maar dit is nu expliciet gevraagd en bevestigd.

  • Publicatienummer
    2002.063-0305
  • Publicatiedatum
    1 december 2003
  •  
  • Projectnummer
    2002.063
  • Opdrachtgever(s)
    Ministerie van Economische Zaken
meer weten over dit onderwerp? Neem contact op met Sven Maltha
Senior partner / senior adviseur