Evaluatie programmatische aanpak innovatiebeleid

Dialogic voert in opdracht van het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie (EL&I) in samenwerking met Agentschap NL de eindevaluatie uit van de werking en effectiviteit van de programmatische aanpak (PA) als geheel voor de periode 2006-2010. Met de programmatische aanpak heeft het toenmalige Ministerie van Economische Zaken (EZ) in samenwerking met het bedrijfsleven en kennisinstellingen geïnvesteerd in economische domeinen die (in potentie) een sterke uitstraling hebben op de gehele Nederlandse economie. Dit programma is in de afgelopen jaren een van de belangrijkste instrumenten in het (specifieke) innovatiebeleid geweest.

Deze evaluatie gebruikt als methode de maatschappelijke kosten-batenanalyse (KBA). De hamvraag is: krijgt de belastingbetaler voldoende terug voor de uitgaven die hij heeft gedaan aan de programmatische aanpak? Een maatschappelijke KBA brengt de inzet aan publieke middelen en de publieke opbrengst (dit is de opbrengst voor de samenleving na aftrek van de private opbrengst) systematisch in beeld en zet deze in hun onderlinge verband van oorzaak en gevolg. Deze methode biedt inzicht in de argumenten voor en tegen een specifiek beleidsinstrument als de programmatische aanpak. Om de kosten en baten in kaart te brengen maakt Dialogic gebruik van deskresearch (bestaande documenten en cijfers over de innovatieprogramma’s, de twee eindevaluaties van individuele programma’s die zijn uitgevoerd (Point-One Boegbeeld, Food & Nutrition Delta en overige wetenschappelijke studies) en ruim zestig interviews.

Dialogic heeft in opdracht van het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie (EL&I) in samenwerking met Agentschap NL de eindevaluatie uitgevoerd van de werking en effectiviteit van de programmatische aanpak als geheel voor de periode 2006-2010. Met de Programmatische Aanpak beoogde de overheid:

  • Significante intensivering van de private investeringen in innovatie in de focusgebieden waarin Nederland excelleert
  • Betere strategische samenwerking tussen bedrijfsleven, kennisinstellingen en overheid en tussen bedrijfsleven en kennisinstellingen onderling
  • Versterken van de concurrentiekracht op de gebieden waar de programmatische aanpak zich op richt (programmadomeinen), door het oplossen van concrete knelpunten die de realisatie van het potentieel belemmeren
  • Effectievere inzet van publieke middelen/overheidsinstrumenten (via meer focus en massa, vraagsturing en maatwerk)

Met de programmatische aanpak was (inclusief FES-middelen die gerelateerd zijn aan de programmatische aanpak) over de periode 2006-2010 ruim één miljard euro aan publieke middelen gemoeid.

Belangrijkste conclusies
Binnen de mogelijkheden van deze evaluatie kan geconcludeerd worden dat het ministerie met het innovatie-instrument ´programmatische aanpak´ een aanzienlijke impuls heeft gegeven aan de publieke en private investeringen in de focusgebieden waarin Nederland wil excelleren. Deze impuls bestaat, naast de één miljard euro die het ministerie tot en met 2010 heeft uitgegeven aan de programmatische aanpak, minimaal uit enkele honderden miljoenen euro extra R&D-uitgaven door de deelnemende organisaties.
Minstens zo belangrijk is dat de aanpak samenwerking tussen bedrijven (ook MKB) en kennisinstellingen heeft bevorderd in die sectoren waar een innovatieprogramma van de grond is gekomen. Niet alleen op het vlak van R&D, maar ook op het gebied van menselijk kapitaal en (promotie)onderzoek.
Het is echter te vroeg om met zekerheid te kunnen zeggen of de programmatische aanpak de investering van één miljard euro belastinggeld waard is geweest. De programmatische aanpak is in 2006 gestart en is pas in 2008 op stoom gekomen. 2011 is te vroeg om de duurzame effecten van de programmatische aanpak op onder andere de concurrentiepositie vast te kunnen stellen. De uitkomsten van deze evaluatie bieden aanknopingspunten voor de te volgen aanpak van het huidige topsectorenbeleid. De belangrijkste aanbevelingen zijn dat de doelen van de topsectoren beter onderbouwd worden vastgesteld en dat de effectiviteit van dat beleid beter wordt gemeten dan bij de programmatische aanpak.

  • Publicatienummer
    2011.057-1203
  • Publicatiedatum
    31 december 2011
  •  
  • Projectnummer
    2011.057
  • Opdrachtgever(s)
    Ministerie van Economische Zaken
meer weten over dit onderwerp? Neem contact op met Pim den Hertog
Senior partner / senior adviseur