Nulmeting Innovatietraject Chemie

Met een bijdrage van ruim 15 procent aan het BBP van de Nederlandse industrie, is de chemiesector uiterst belangrijk voor onze economie. Het is dan ook niet raar dat deze sector een eigen Innovatieprogramma heeft opgestart (Innovatietraject Chemie). De momenteel acht innovatieprogramma’s maken deel uit van de Programmatische Aanpak voor Innovatiebeleid van het Ministerie van Economische Zaken (EZ).

Het Innovatietraject Chemie is ambitieus. In een businessplan heeft de sector vastgesteld wat ze de komende jaren economisch en maatschappelijk wil bijdragen. Drie hoofddoelen zijn daarbij leidend:

  1. Verdubbeling van het BBP in 2017, ten opzichte van 2006;
  2. Halvering van het energieverbruik in 2032, ten opzichte van 2006;
  3. Behouden en vergroten van excellentie - zowel van wetenschap als het bedrijfsleven.

EZ ondersteunt dit businessplan door de financiering van drie programmaonderdelen. Qua budget is het Polymeren Innovatieprogramma (PIP) het grootste onderdeel. PIP is gericht op vooruitgang van de polymerensector op het gebied van duurzaamheid en economie. Ook de Roadmap Procesintensificatie wordt gesteund door EZ. Deze roadmap biedt een stappenkader voor energiebesparing in de procesindustrie. Het derde onderdeel is gericht op het verbeteren van de instroom van studenten in chemiegerelateerde opleidingen en het beter benutten van talent op de (chemie)arbeidsmarkt.

Om de vorderingen van de chemiesector in de toekomst goed te kunnen volgen, is het noodzakelijk de uitgangspositie te weten. Om die reden voert Dialogic een nulmeting Chemie uit. Het ministerie krijgt op deze manier inzicht in de huidige stand van zaken, hetgeen later bij een tussen- of eindevaluatie een vergelijkings- en interpretatiekader biedt. Daarmee kan bepaald worden wat de investeringen hebben bereikt.

In de nulmeting wordt vastgesteld welke indicatoren vereist zijn, bijvoorbeeld om wetenschappelijke excellentie, innovativiteit en internationale (R&D) samenwerking binnen de chemiesector te meten. Een deel van die indicatoren wordt voor de huidige situatie bepaald. Daarbij maakt Dialogic gebruik van bestaande databronnen en verzamelt ook zelf data (interviews, enquête).

Dialogic werkt in dit onderzoek samen met een externe adviseur, dr. Ad de Jong. De heer De Jong heeft ruime ervaring bij Shell en Akzo Nobel.

Het ministerie van Economische Zaken heeft binnen het innovatiebeleid, naast een basisinstrumentarium, een programmatisch pakket ontwikkeld. Een belangrijk aspect bij de Programmatische Aanpak is dat de effecten van de onderliggende programma´s duidelijk en helder bepaald kunnen worden. Voor deze monitoring - die vorm wordt gegeven met een tussen- en eindevaluatie - is een nulmeting een essentiële basis. De voortgang kan namelijk niet worden bepaald als het uitgangspunt niet duidelijk is. In deze rapportage wordt de nulmeting die voor Chemie is uitgevoerd uiteengezet. De conclusies worden hieronder samengevat:

De excellentie van Nederland is groot zowel in de academische wereld als in het bedrijfsleven. Dat blijkt o.a. uit het grote aantal publicaties in wetenschappelijke tijdschriften met een hoge impactfactor. De excellentie in de private sector blijkt o.a. uit de grote concentratie van grote (buitenlandse) bedrijven in Nederland. Een algemene zorg is evenwel dat Nederland teert op "oude glorie" dat wil zeggen op investeringen uit het verleden. Als gevolg van voortdurende bezuinigen (tot op de dag van vandaag) is het minder zeker geworden dat Nederland deze excellentie positie kan blijven behouden.

In de private sector is o.a. door de nadruk op aandeelhouderswaarde zeer sterk de nadruk komen te liggen op direct toepasbaar onderzoek waardoor de aansluiting bij ontwikkelingen in de academische wereld wordt bemoeilijkt. Hierdoor dreigt een kloof te ontstaan tussen de academische wereld en het bedrijfsleven. Dat is een gevaar omdat de uitdagingen in de chemie in de komende 10 jaar liggen op het terrein van duurzaamheid waarvoor nieuwe inzichten nodig zijn vooral op het gebied van procestechnologie. Hierbij gaat het niet alleen om de transitie van een op fossiele naar groene grondstoffen gebaseerde chemie (polymeren), maar ook om het duurzamer maken van bestaande processen.

Een omschakeling naar duurzame chemie is niet alleen wetenschappelijk interessant, maar ook van economisch van groot belang om in de toekomst een sterke concurrentiepositie te behouden.

Uit de enquête en de interviews komt naar voren dat het Businessplan Chemie en het Polymeren Innovatieprogramma nodig zijn om de positie van de Nederlandse chemische sector te versterken. In het bijzonder de nadruk om niet alleen de grotere bedrijven maar juist ook het MKB bij de plannen te betrekken is van groot belang. Innovatie kan niet alleen van de grotere bedrijven komen, maar moet ook komen van nieuwe bedrijven en het bestaande MKB. In lijn hiermee zijn de activiteiten die het DPI-VC heeft of gaat opstarten gericht op de rubber- en kunststofverwerkende industrie van groot belang.

  • Publicatienummer
    2008.101-0913
  • Publicatiedatum
    10 juli 2009
  •  
  • Projectnummer
    2008.101
  • Opdrachtgever(s)
    SenterNovem
meer weten over dit onderwerp? Neem contact op met Sven Maltha
Senior partner / senior adviseur